7 oktober Weesp - Terugkomviering vormelingen en 1e communicanten

Gepubliceerd op:

Zal ik jullie eens wat vertellen? Toen ik het verhaal over de regenboog kreeg ben ik gaan zoeken tussen mijn foto’s  om passende plaatjes te vinden bij elk van de kleuren van de regenboog. Dus dat zijn allemaal foto’s van mij. Elke kleur van de regenboog is heel bijzonder. Rood is niet zoals geel. Rood – dan denk je warmte, of een hartje. En Geel is de kleur die doet ons denken aan de zon, maan en sterren. Elke kleur is speciaal. En toen kregen ze ruzie. Want groen vond zich belangrijker dan paars, enz. Gelukkig kwam die stralende witte bliksemflits die hun ruzie oploste en bracht ze samen in een regenboog – al die kleuren bleven gelijk en terzelfder tijd kwamen ze prachtig samen. Jullie zien die foto van de prachtige regenboog. Ik moest heel vlug zijn om die foto te maken, want regenbogen kunnen soms heel snel verdwijnen.

Nu dat andere verhaal. Twaalf volwassen jongemannen maakten ruzie onder elkaar toen ze met Jezus op stap waren. En Jezus dacht – waar maken zij zich toch zo druk over? Begrijpen zij het nooit?  - wat zouden ze niet begrepen hebben? Blijkbaar precies hetzelfde als die kleuren. Elk van hen vond zichzelf heel speciaal, bijzonder. En terecht – want dat is zo precies. Jullie en ik doen precies hetzelfde. Ja, ik ben heel bijzonder. Ik kan dingen doen die jullie niet kunnen en ook niet mogen doen. En dan heb ik het niet alleen over jullie- eerste communicanten en vormelingen - maar over iedereen hier in de kerk. Ja, ik ben heel bijzonder, speciaal. Ik kan bijvoorbeeld heel goed tekenen en schilderen. Misschien kunnen sommigen van jullie dat ook, maar niet zoals ik. Betekent dat dan dat ik belangrijker en beter ben dan jij, of jij , of u, of Nel, of Gerard, of de muzikanten die op het koor zitten?  Nee, helemaal niet.

Trouwens, weten jullie wat er gebeurt wanneer iemand denkt dat hij of zij meer bijzonder en speciaal is, dan anderen? Dan gaat hij of zij op zoek naar vriendjes die ook vinden dat hij of zij bijzonder is. En dan gaat hij of zij, en die vriendenkring zich afzetten tegen anderen van wie ze dan vinden dat ze lang niet zo belangrijk, of speciaal of slim zijn als zij. Dan komt er ruzie. Wegwezen jullie die niet zoals wij zijn. Dan wordt er gevochten, en die gevechten kunnen hoog oplopen – ze kunnen zelfs gaan geloven dat je die mensen van wie zij vinden dat zij niet zijn zoals zij, weg moet jagen, of tenminste niet in de buurt moet hebben. Dan heb je oorlog. En oorlogen kunnen heel hoog oplopen – dan schijnt het niet meer uit te maken of anderen dood kunnen gaan. Dan krijg je gevechten met messen, schietpartijen in scholen of bommen in de metro. Of  nog grootschaliger, vernietiging met kanonnen , vliegtuigen en wat nog meer.

Jezus weet dat iedereen afzonderlijk speciaal en bijzonder is, maar dat zijn jonge vrienden niet hoeven te denken dat zij zo bijzonder en speciaal zijn dat ze ruzie kunnen maken over wie denkt belangrijker te zijn in de ogen van Jezus, of God of wie dan ook., Voor hem zijn ze allemaal even gelijkwaardig. Hij omarmt die kleine jongen die hen wat water kwam brengen, en zei: “Hij ( die jongen dus) kan niet lezen en schrijven, hij is arm en van de bijbel heeft hij waarschijnlijk nooit gehoord. Maar hij heeft een bijzondere plek in het hart van God”.  Dus beste vrienden, zegt hij eigenlijk, “knoop dit nou goed in je oren en bewaar het in je hart – hoe speciaal en bijzonder je ook bent, en dat is elk van jullie,  je bent niet meer en niet minder belangrijk in de ogen van God, en in mijn ogen”.

En dus, wanneer ik jullie vertel hoe speciaal en bijzonder ik ben, maakt mij dat niet belangrijker dan een van jullie. Wij allemaal hier samen, vormen een mooie en gelijkwaardige grootheid, net zo wonderlijk, en mooi als een regenboog. Dat maakt jullie en mijn leven mooi, bijzonder en speciaal. Vergeet dus deze twee verhalen niet – nooit, nimmer. O.K.?

Pater Jan Haen